Projectpagina: wijkverpleging niet-toewijsbare zorg

Valt onder thema: Effectief samenwerken in de wijk

De uitvoering van de Wmo is een omvangrijke taak. De bijdragen van de wijkverpleegkundige is hierbij cruciaal. Zij signaleert de vraag naar zorg en onderhoudt contacten met andere professionals in de wijk (niet-toewijsbare zorg). Dat maakt haar een verbindende schakel tussen het medische en sociale domein. Daardoor kunnen mensen die nog geen verpleging of verzorging hebben, geholpen worden.
We willen de zelfredzaamheid van inwoners versterken, zowel binnenshuis als buitenshuis. Ook willen we hogere kosten op de langere termijn voorkomen door er op tijd bij te zijn,.

Het is (nog) niet vanzelfsprekend dat de professionals in een wijk elkaar kennen. Zorgverzekeraar en gemeenten werken aan verbinding met projecten binnen de Werkagenda.


Afgeronde projecten

Effectenanalyse wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg
De Effectenanalyse is ontwikkeld om inzicht te krijgen op de invulling en het effect van de wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg. Hoe wordt de samenwerking in de wijk vormgegeven? Welke afspraken zijn gemaakt over de invulling van de niet-toewijsbare zorg? Wat is de meerwaarde van de wijkverpleegkundige in relatie tot de andere partners in de wijk? Deze én andere vragen, komen aan de orde in de Effectenanalyse.
Gemeenten kunnen zelf aan de slag met de Effectenanalyse. Het instrument en de toelichting op het instrument vindt u hier:

Effectenanalyse wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg (instrument)

Toelichting Effectenanalyse wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg

 

Begin 2016 is de Effectenanalyse in zeven verschillende wijken in de regio’s van de Werkagenda uitgevoerd. De uitkomsten zijn op twee manieren verwerkt: per wijk is een factsheet van de uitkomsten. Daarnaast is een overkoepelende analyse gemaakt van de uitkomsten van de factsheets.

Overkoepelende uitkomsten Effectenanalyse wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg

Factsheets op wijkniveau n.a.v. Effectenanalyse wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg

Inkoop wijkverpleging niet-toewijsbare zorg 

Uitwerking module ‘sociale infrastructuur’

Naar aanleiding van de aankondiging van het wegvallen van de representatiefunctie en het onderscheid in bekostiging van toewijsbare en niet-toewijsbare zorg, is een aparte module ontwikkeld om de verbinding tussen het medisch en sociaal domein te waarborgen: de module ‘sociale infrastructuur’. Menzis heeft deze module opgenomen in het inkoopbeleid 2017 (zie https://www.menzis.nl/zorgaanbieders/zorgsoorten/wijkverpleging/contractering/inkoopbeleid-2017)

Werkafspraken wijkverpleging 2017

De bekostiging van de wijkverpleging niet-toewijsbare zorg verandert vanaf 2017. Welke gevolgen heeft dit voor de wijkverpleging?

Werkafspraken inkoop wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg 2016

Afspraken over de inkoop van wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg voor 2016 op basis van de evaluatie van de inkoop voor 2015.

Werkafspraken wijkverpleging 2014/2015

Evaluatie en aanbevelingen inkoop wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg 2015

Begin 2015 evalueerden betrokken gemeenten, Menzis en aanbieders het inkoopproces van de wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg. (Op basis van deze evaluatie zijn gezamenlijke werkafspraken gemaakt over de inkoop van wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg voor 2016, zie hierboven bij ‘inkoop wijkverpleging’.)

Capaciteitsverdeelmodel wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg

Een objectieve verdeling van het beschikbare budget voor niet-toewijsbare zorg voor 2015.

Scenario’s inzet wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg

Mogelijkheden om de wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg te positioneren ten aanzien van lokale (wijk)teams. Daarnaast wordt een afwegingskader beschreven dat helpt bij het maken van keuzes ten aanzien van het meest effectieve scenario dat past bij de lokale context.

Q&A’s inkoop en positionering wijkverpleegkundige niet-toewijsbare zorg

Vragen en antwoorden over inkoop, verdeling van middelen, invulling van niet-toewijsbare zorgtaken en positionering van de niet-toewijsbare zorg.